Hans en Grietje

Hans en Grietje · Page 4 of 7

De val van de oude vrouw

De deur van het huisje kraakte open, en een gebogen oude vrouw kwam naar buiten, glimlachend met scheve tanden.

"Kom binnen, kom binnen, lieve kinderen," zei ze zoetjes. "Jullie zullen wel honger hebben. Ik heb een warm avondmaal klaarstaan."

Hans en Grietje, moe en koud, volgden haar naar binnen — zonder te weten dat de oude vrouw helemaal niet aardig was, en dat ze haar snoezige huisje alleen had gebouwd om hongerige kinderen zoals zij te lokken.

Diezelfde nacht sloot ze Hans op in een kleine kooi in de tuin.